Een tijdje geleden sprak ik met een dominee. In zijn studeerkamer. Kasten vol boeken om ons heen. Heerlijke stoelen, waarin we schuin tegenover elkaar zaten. Hij zei: ‘David, ik mag het eigenlijk niet zeggen. Maar weet je, eigenlijk ben ik een religieus agnost. Ik weet gewoon niet of er een God is. Of hij bestaat.’

Het agnosticisme is de filosofische bedenking dat kennis van (een) hogere macht(en) niet zeker kan zijn, omdat deze niet (met de wetenschappelijke methode) te bewijzen is. Een agnost is iemand die geen overtuiging heeft jegens het wel of niet bestaan van (een) bovennatuurlijk(e) macht(en).
[Bron: Wikipedia Nederland]

Ik vroeg hem: ‘Van wie mag je dit niet zeggen?’
Een stilte volgde.
‘Als ik dit op zondag vanaf het podium zeg, krijg ik gedonder in mijn gemeente. Dat pikken ze niet. Bovendien heb ik daar al negatieve ervaringen mee.’
‘Ben je ook bang? Bang dat je je baan kunt verliezen als je dit zegt?’
Weer een stilte. Daarna een knik.
Ik zeg: ‘Ik begrijp je moeite. Aan de andere kant denk ik: volgens mij snakken mensen naar jouw eerlijkheid en openheid. Juist van dominees. En we komen de ruimte om kritisch te zijn toch genoeg in de bijbel tegen? Zonder oordeel erbij?’

God is en blijft een mysterie

Ik herken het ook bij mezelf wanneer mensen zeggen dat ze het niet (meer) weten. Man, er is zoveel kennis. Er zijn zoveel meningen. Timelines op Facebook en Twitter stromen vol. Met allemaal verschillende soorten kennis over van alles en nog wat. Zou dat met God en geloof dan anders zijn?

Volgens mij begint ook het verhaal van God met één bonk “kennis” (of mening of visie of verhaal) in 10 woorden.

‘In het begin schiep God de hemel en de aarde.’ Het is de eerste zin in de Bijbel, en ik begrijp alle woorden. Behalve dat woordje ‘God’. En oké, ‘schiep’ vind ik ook lastig.

God. In het Hebreeuws: El. Of Elohim. Of denk aan Allah. Dat is de Arabische vertaling van ‘El’. ‘God’ betekent zoiets als ‘de hoogste’. Of ‘zeer’. Een ‘zeer grote stad‘ kan ik het Hebreeuws ‘een godsgrote stad’ worden genoemd. Een elohim-grote stad. (check).

God of Elohim of Allah is en blijft een vage term voor het ongrijpbare. Voor het hoogste. Voor het of voor de allerhoogste. Je zou dus kunnen zeggen dat Genesis 1 vers 1 alle ruimte geeft voor religieus agnosticisme. Of voor: ‘Ik geloof of ik denk dat er wel iets (hogers) is’, zoals ik dat om me heen regelmatig hoor zeggen.

Als wij zeggen dat we het rond God en geloof allemaal niet (meer) weten, is dat dus heel begrijpelijk. Want God is, als hij bestaat, veel te hoog en te groot. Ik begrijp al heel weinig van natuurkunde of de geheimen van de biologie. Van mannen die van Mars, of van vrouwen die van Venus komen. Overigens echt geen onzin, aangezien we zeer waarschijnlijk van sterrenstof zijn gemaakt. Maar los daarvan: we zijn ook zelf grote geheimen. En zeg nou eerlijk: dat maakt het leven juist toch mooi? Groots? Verbazingwekkend en wonderbaarlijk verbluffend?

God (of mannen, of vrouwen of vrienden of collega’s) in je achterzak stoppen. Dat is juist supersaai. Dat haalt al het leven eruit. Zeggen dat je je vrienden helemaal begrijpt, is het begin van het eind van de vriendschap…

Maar Jezus dan? Hij laat ons toch God kennen?

Het is voor gelovigen verleidelijk om al snel met Jezus op de proppen te komen. En te zeggen: ‘Leer Jezus kennen, en je leert God zelf kennen.’ Daar schuilt een risico in, namelijk dat met het noemen van Jezus het verwonderlijke en verbazingwekkende van God verdwijnt. Dat de overtuiging dat Jezus God laat zien, een koude waarheid wordt. Misschien heb je dat wel eens meegemaakt? Mensen die in een winkelstraat enthousiast op je afkomen, binnen twee zinnen over Jezus beginnen, en dat je denkt: ‘Rot op met je Jezus. Je kent me niet eens, man! Is die Jezus een product ofzo?’

Ook Jezus vind ik niet te begrijpen

Een leerling van Jezus, Johannes, heeft drie jaar met hem opgetrokken. En deze Johannes schrijft ergens:

‘Niemand heeft ooit God gezien, maar de enige Zoon, die zelf God is, die aan het ​hart​ van de Vader rust, heeft hem doen kennen.’
[De Bijbel, Evangelie volgens Johannes, hoofdstuk 1 vers 18]

Daar is de link tussen Jezus (‘De Zoon) en God (‘de Vader’). En of je nou wel of niet in een kerk komt, veel Nederlanders is die link tussen Jezus en God echt wel bekend. Maar het verwonderlijke daarvan kan eruit zijn gehaald. Je hebt het te vaak gehoord. Je weet dat nu wel. Het kan een betekenisloze waarheid of een nietszeggend dogma of een leuk bedacht sprookje zijn geworden. Heel begrijpelijk. Ik word er zelf bijvoorbeeld heel chagrijnig van als mensen Jezus gebruiken om God te vangen. Lees je een wonder in de bijbel, en in plaats van dat we ons daarom verwonderen (het heet toch een wonder? ;-)) kan ik dan horen: ‘Ja, maar Jezus was God, dus dan kon hij dat ook gewoon doen natuurlijk.’ Boem, wonder eruit. Wonder verklaard. Alles weer helder en (be)grijpbaar. Saaaaaaaaaaaaai!

Ook Jezus vind ik niet te begrijpen.

En zijn leerlingen worden ook helemaal gek van hem. Voorbeeldverhaal.

Bootje.
13 man aan boord.
1 man, Jezus, slaapt.
Bootje komt in storm.
12 man in paniek.
Jezus wordt wakker gemaakt.
‘Help, we verdrinken!’
Jezus legt storm met twee woorden stil, en vraagt zich hardop af waarom zijn leerling geen vertrouwen hebben.
12 man verbijsterd.
‘Wie is hij toch, dat zelfs de wind en het meer hem gehoorzamen?’

Het kan een sprookje zijn geweest. Waarom niet? (Al zijn er goede redenen om aan te nemen dat dit verhaal echt gebeurd is.)
Maar al is het een sprookje. Jezus van Nazaret is en blijft niet te (be)grijpen. Hoe kan iemand een storm het zwijgen opleggen?

Ik volg de verwondering van die 12 mannen wel. En ik begrijp ook dat op hun vraag geen antwoord komt. Dat er geen man aan boord was, die tegen de anderen zei: ‘Wie hij is? Snap je dat echt niet? Dat is Jezus. Hij is de zoon van God. Dan snap je toch wel dat hij zoiets kan. En dat moet je gewoon geloven. Tjongejonge. Dat jullie die vraag stellen?!’ Of iets dergelijks.

‘Ik weet het niet (meer)’

De dominee in zijn studeerkamer spreekt hardop zijn twijfels uit over de God waarin hij gelooft. Ik ben blij dat hij dat bij doet en durft. Ik adviseer hem na een tijdje om dat ook in zijn kerk te doen. Om op zijn minst om die ruimte te vragen. Misschien eerst in kleine kring. Want als daar geen ruimte voor is, maken we van de kerk een hypocriet systeem met ja-knikkers, die het goddelijke geheim hebben verkleind tot iets begrijpelijks. Zelfs tot een begrijpelijke Jezus van Nazaret.

Ook ik ben een religieus agnost. Ik weet het allemaal niet zo zeker. Ik heb God, net als Johannes, ook nog nooit gezien. Ik ken God niet. Maar dit is mijn overtuiging: als God bestaat, laat hem/haar dan alsjeblieft op Jezus lijken.

Wat zijn jouw gedachten bij dit blog? Ik hoor het – hieronder – graag van je. Mag ik je daarbij vragen om eerst te overdenken wat je aansprak (om negativeit of zouteloze kritiek te voorkomen). Mocht je niets wat je in dit blog aansprak kunnen bedenken, brand dan gewoon los natuurlijk. :-)
Wil je liever anoniem met iemand in gesprek, dan is dat prima natuurlijk. We zitten hier voor je klaar.
Zou je meer over God en/of over Jezus of over een thema rond geloof te weten willen komen, kijk dan eens rond in ons online cursus-aanbod.
David Heek
Spreker | Schrijver | God(-onder)zoeker | Blogger | Scheidsrechter | Voetbal | Gek op grappen | Amersfoort-Vathorst
David Heek

@DavidHeek

Theaterdominee, spreker, coach. Enneagram en voetbal. September 2017: 1e theatercollege 'Klaar voor de start? Óf!' (N.a.v. Genesis 1,2,3). Hobby: KNVB-scheids.
@RobertPlomp Zou kunnen. Bronckhorst doet dit slim, mits hij goed managet. Deze spelers zullen (helaas ;-)) tot op het bot gemotiveerd zijn. - 2 hours ago
David Heek

Latest posts by David Heek (see all)

2 Responses to God en ‘Ik weet het niet (meer)’

  1. Jay says:

    Interessant om te lezen.
    Voor mij heel herkenbaar te lezen. Ben ook een ja-knikker. Ben nu bezig om alles vanuit een meer breed perspectief te bekijken. Daaruit blijkt dat hele fundamentalistische vraagstukken (schepping, doop, man/vrouw) anders blijken te zijn dan ik al die tijd heb moeten geloven. De tijd van nu bepaalt eigenlijk hoe we de bijbel lezen. De waarheid bepalen wordt zo ontzettend lastig. Het is meten met twee maten. Fijn om te lezen dat ik niet de enige religieuze agnost ben (geworden).

  2. Wat een droevenis, letterlijk de lamme die de blinden moet leiden. En met zulke herders vind men het gek dat niemand meer gelooft. triest !!!
    Als ik dit leest dan zie ik daar de armoede van christelijk Nederland, het gevolg van niet de laatste tijd maar van eeuw na eeuw, geestelijke armoede. Wij hebben van God gehoord, wij kennen wat verhalen, maar God kennen en over Hem gehoord hebben zijn twee compleet verschillende dingen. We zeggen dat we de `Bijbel geloven en bedoelen dan het zg NT. want dat OT staat helemaal met onwezelijke verhalen van een ongenadige god? Bestaat God? zeker, is Zijn woord waar? zeer zeker, maar de vraag was is en zal altijd klinken “Heeft God dat werkelijk gezegd”??

    Die vraag is niet, of kennis slecht is, maar vertrouwen wij God, dat Hij als liefhebbende vader ons alles wilt leren, ipv dat wij vanuit eigen ervaringen kennis vergaren en zo idd kennis hebben door schade en schande. Voor de vaders onder ons, je wilt je kinderen pas lucifers laten gebruiken als ze van je geleerd hebben wat een lucifer kan doen en oud genoeg zijn om de gevolgen te snappen.ipv een doosje aan een kleuter te geven. Zo zien wij Zijn regels, als een wet terwijl Hij het goede , welgevallige en volkomene wilt, zoals elke vader.

    En nee, allah is niet dezelfde als JHWH, maar 1 van de zoveelste nep goden.
    De Bijbel noemt ze de baals, je verward het enkelvoud van Elohim wat is Eloah met die zg maangod.
    Ik neem het trouwens niemand kwalijk, ook ik heb veel wat ik moet afleren en terug moet naar Zijn “oude paden”, ook ik weet nog geen 1 %.
    Maar het begint met een keuze, wil je daadwerkelijk God vertrouwen en geloven wat Hij zegt of wat mensen/de kerk/wereld zegt?

    Wie werkelijk zoekt zal het vinden.

    Raymond

Leave a Reply